L2 Ons kerstverhaal
Het tweede leerjaar beeldde het kerstverhaal uit.
We deden niet zomaar een toneeltje, maar beeldden het uit in 'tableaux vivants'.
Het was een hele organisatie en iedereen hielp om spulletjes mee te brengen.
We zijn trots op het resultaat!
Op een dag, heel lang geleden, waren Maria en Jozef op weg.
Ze moesten ver lopen, naar de stad Bethlehem.
Daar wilde de koning alle mensen van zijn land laten tellen.
Ook Jozef en Maria en hun kindje dat nog in de buik van Maria zat.
Het werd donker, maar Maria en Jozef waren er nog niet.
Ze hadden honger en ze waren doodmoe van de reis.
Ze klopten bij heel veel mensen aan.
Maar niemand wilde hen binnenlaten.
Aan de overkant van de weg zagen ze opeens een stal.
Daar konden ze slapen, samen met de ezels van de wei.
Gelukkig maar, want Maria wilde gaan liggen.
Ze voelde dat haar kindje nu heel gauw zou komen.
Die nacht werd Jezus geboren in de stal.
Maria en Jozef waren nog nooit zo blij geweest.
Ook de ezels keken trots toe.
Maria en Jozef knuffelden en streelden hun kindje.
En ze legden Jezus warm ingepakt in een wiegje.
Ver daar vandaan sliepen 2 herders bij hun schapen.
Opeens werden ze wakker van een fel licht.
Het was een engel, die zei : ‘Luister, en wees niet bang.
Vannacht is Jezus geboren. Hij zal iedereen blij maken
Nu weet natuurlijk iedereen wie Jezus is.
Hij is geboren op de dag die we Kerstmis noemen.
Zou het daar zijn?
In een ander land keken drie koningen naar de sterren.
Opeens zagen ook zij een fel licht.
Een ster, zo helder dat het pijn deed aan hun ogen.
Ze wisten niet wat ze zagen.
‘Die ster wijst ons de weg!’ riepen ze toen.
‘We moeten die kant uit.
Daar is een kind geboren!’
De drie koningen namen elk een cadeautje mee.
Ze gingen snel door de nacht.
Zou het daar zijn?
Heel in de verte zagen ze een licht.
Wat waren de herders en de koningen blij.
Zij mochten de pasgeboren Jezus zien!
De herders gaven hem een knuffel.
De koningen een cadeautje.
Nieuwsgierig stonden de herders op.
Ze wilden meteen naar Jezus toe.
‘Die kant uit’n zei de engel nog. ‘Altijd rechtdoor.’
De herders liepen uren tot ze een stal zagen waar licht brandde.
Foto's
__________________________________________________________________________________________
KRAALSITE